Oog van een orkaan

Het opvallendste kenmerk van een tropische cycloon is het wolkenvrije oog waar dalende luchtbewegingen optreden. De luchtdruk is in het oog het laagst en heeft een diameter van 30 tot 50 kilometer en is op satellietbeelden gewoonlijk goed te zien. Rondom het oog bevindt zich een ‘muur’ van actieve bewolking. Hier gaat de lucht met snelheden van 100 tot 150 km/u omhoog. Aan het aardoppervlak direct onder de ‘muur’ treden de hoogste windsnelheden op. Aan de bovenzijde op zo’n 18 kilometer hoogte, stroomt de lucht met bewolking weer spiraalsgewijs naar buiten. Daardoor vormt er zich aan de bovenkant van de cycloon een kap van ijswolken die eveneens op satellietbeelden markant zichtbaar is.

Direct buiten de ‘muur’ bevinden zich regenbanden die evenwijdig aan de wind naar het centrum toe lijken te spiraliseren. Deze banden zijn 5 tot 50 kilometer breed en 100 tot 300 kilometer lang. Ze veroorzaken neerslagintensiteiten van 25 mm per uur of meer over een klein oppervlak, ongeveer 10% van het totale gebied waar de cycloon het laat regenen.

Wie zich in een cycloon bevindt merkt dat het oog overtrekt aan de plotseling afnemende wind en de zon die ineens door de wolken breekt. Uiteraard duurt dit hooguit een uurtje, waarna de orkaan met volle kracht uit de andere richting zal blazen. Op zee is een oog zeer gevaarlijk vanwege de hoge golven, die uit alle richtingen komen.

Oog van een orkaan

Tropische cycloon met oog (eye), 'muur' (eyewall), regenbanden (rain bands) en spiraalsgewijs uitstromende lucht aan de bovenzijde